What doesn’t kill you, makes you… happy!

HappyIk heb de Staatsloterij gewonnen. Althans zo voelt het vandaag. Tenminste, zo denk ik dat je je voelt als je de Staatsloterij wint. Maar misschien voel ik me zelfs nóg beter dan wanneer ik de Staatsloterij zou winnen. Of is dat onmogelijk?
Ik brabbel, ik weet het… Maar ik ben dan ook zo blij!

Deze blijdschap, ik zal mij nader verklaren.
Vijf weken geleden ben ik geopereerd. Het recente bezoekje aan de gynaecoloog, kreeg namelijk nog een staartje. In mijn tot op heden totaal nutteloos gebleken baarmoeder, waar zich nog nooit een lief klein mensje nestelde, woonde nu een poliep. Die moest eruit.
Nu gaan bij ons in het gezin alle alarmbellen af zodra wij het woord poliep horen. Nadat ruim drie jaar geleden een poliep in de darmen van Don Ron resulteerde in darmkanker, vertrouwen wij die suckers voor geen meter. Dus vreesde ik het ergste toen dokter Kijkdoos vijf weken geleden sprak over een geslaagde operatie maar wel de termen ‘op de kweek’ liet vallen.

Onder narcose was ik nog nooit geweest. Iets wat mij nogal bezighield in de aanloop naar de operatie. Eindelijk maakte ik zelfs een documentje met daarin de wensen voor mijn crematie. Helemaal niet raar, heeft iedereen toch? Het was juist raar dat ik dat nog niet had, vond men. Ik wist toch wel dat er meer kans was op een treffer door de bliksem dan dat ik de Staatsloterij zou winnen? En iedere dag liep ik het risico onder een bus te komen, of een boom op mijn hoofd te krijgen tijdens een van die vreselijke stormen die steeds vaker woeden. En al die terroristische aanslagen! Waarom was ik niet voorbereid?
Tranen met tuiten huilde ik de avond voor de operatie. De gedachte dat ik mijn vriendje S nooit meer zou zien, dat Kim hem morgen zou bellen met de vreselijke mededeling dat ik niet meer wakker was geworden, was ondraaglijk. Het enige lichtpuntje, op een als-het-dan-zo-moet-zijn-dan-is-dat-tenminste-iets-waar-ik-vrolijk-van-word manier, was het vooruitzicht op een weerzien met de andere grote liefde van mijn leven.
Enfin, ik werd weer wakker, iedereen blij. En gedurende de vijf weken die volgden hield een allergische reactie op de narcose mij meer bezig dan de uitslag van de kweekpoliepen.

Tot vanochtend. Tijdens het fietstochtje naar het ziekenhuis realiseerde ik me ineens dat dit misschien een van de laatste onbezorgde momenten van mijn leven was. Bij het stoplicht aangekomen sprong het licht op groen, vóórdat ik afstapte. Dit was vast een teken. Op de valreep een laatste mazzeltje, spoedig zou alle ellende losbarsten.

De woorden ‘alles is goed’ klonken als ‘je hebt de Staatsloterij gewonnen’.
Terugkomend op mijn allergische reactie op de narcose, vroeg Kim aan de dokter of het feit dat ik me erg druk had gemaakt om de operatie daar misschien iets mee te maken kon hebben. ‘Nee hoor, onmogelijk!’ antwoordde hij. Om vervolgens op zeer diplomatieke wijze zijn versie van ‘wat ben jij een watje’ ten gehore te brengen: ‘Maar je bent wel een zeer gevoelig mens.’
Tijdens het handen schudden, voegde hij daar nog aan toe: ‘Hee, what doesn’t kill you, makes you… euhm… nou ja, in ieder geval happy!’
Want strong ben ik niet. Strong zal ik waarschijnlijk nooit worden…
Maar ik blijf voorlopig wel!
Als ik maar uit de buurt blijf van bliksem, bomen en terroristen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s